Te goed om echt door jou geschreven te zijn


Loop je reputatieschade op als je AI gebruikt?

Een paar jaar geleden was een goede tekst een foutloze tekst. Strak geschreven, met een lekker ritme en heldere opbouw.

Maar nu gebeurt er iets heel anders. We worden juist argwanend van teksten die te soepel lezen. Te netjes zijn. Te goed kloppen. Want al snel denken we: "dit was ChatGPT". En dat keuren we af. Ook al gebruiken we het zelf ook.

Dat gevoel van afkeuring blijkt nu ook uit recent onderzoek.

De AI disclosure penalty

In zestien experimenten, met samen ruim 27.000 deelnemers, lieten onderzoekers mensen creatieve teksten lezen. Verhalen, essays, persoonlijke stukken. Het cruciale detail: alle deelnemers lazen dezelfde tekst.

Het enige wat varieerde, was het label erboven. Soms stond er dat de tekst door een mens was geschreven, soms door AI, en soms door een mens met hulp van AI.

En telkens gebeurde hetzelfde. Zodra mensen dachten dat AI betrokken was, daalde de waardering. De tekst werd minder goed gevonden, minder creatief, minder de moeite waard. Dat effect was opvallend consistent, over alle studies heen.


De prijs van 'fake'

De onderzoekers namen geen genoegen met die uitkomst en gingen op zoek naar verklaringen. Het maakte niet uit of het perspectief veranderde, de karakters 'menselijk' werden gemaakt, of AI competenter werd, of zelfs een eigen naam en gender had.

Dat maakte allemaal niet uit.


Zelfs wanneer mensen de tekst helder en goed geschreven vonden, zelfs wanneer de emotionele impact gelijk bleef, bleef die lagere waardering bestaan.

Wat het effect wél verklaarde, was steeds dezelfde factor: ervaren authenticiteit.

Zodra mensen dachten dat AI betrokken was, voelde de tekst minder oprecht. Oftewel: AI voelt 'fake'. En dat gevoel verklaarde de resultaten vrijwel volledig. Mensen waardeerden het minder en beleefden minder plezier aan het lezen. Niet omdat de tekst inhoudelijk slechter was, maar omdat hij minder echt voelde als AI betrokken was geweest.


Het belang van 'echt'

Dat is eigenlijk heel logisch. Mensen hebben extreem fijn afgestelde sensoren voor wat echt is. Dat is geen zwakte, maar een evolutionaire kracht. Dankzij die gevoeligheid kunnen we elkaar vertrouwen, samenwerken, intenties inschatten en relaties onderhouden. Zonder dat vermogen zouden samenlevingen simpelweg niet werken.

Dus zodra er twijfel ontstaat over de bron van een boodschap ("wie schrijft dit nou eigenlijk?"), gaat dat alarm snel af.

Dat zie je nu overal terug, ook in stijl. Dingen die jarenlang golden als teken van goed schrijven zijn ineens verdacht geworden. De De em-dash (wie kent 'm tegenwoordig niet—deze grote broer van het kleine streepje). Perfect gebalanceerde alinea’s. Overmatig gebruik van tegenstellingen en van accenten (dít is wat écht belangrijk is).

Ik kreeg laatst zelf het advies van een jobcoach om de em-dash uit mijn tekst te halen, om “chatGPT minder te laten opvallen”. Terwijl ik (als een van de weinigen) 'm al meer dan vijftien jaar gebruik. Ooit geleerd bij schrijfcursussen op de universiteit. Ik kan 'm blind typen (dat moet wel, want hij is niet standaard beschikbaar op je toetsenbord...)

HIep hiep hoera voor de typo's

Maar stijl is ineens geen neutraal kwaliteitskenmerk meer. Het is een signaal geworden over mogelijke AI-invloed. En daarmee verandert ook onze kijk op perfectie.

Voor 2025 wilde je een sollicitatiebrief zonder één fout, een strak CV, geen onhandige formuleringen in je rapport. Nu kan het juist verstandig zijn om kleine oneffenheden te laten zitten. Niet alles glad te trekken. Af en toe een typo te laten staan.

Niet omdat fouten beter zijn, maar omdat ze signaleren: dit heb ik helemaal zefl geschreven. Dat je als lezer voelt dat je iemands eigen visie hoort, en niet die van het algoritme. En ja, die typo's zijn dus expres 😉

Hoe nu verder?

Dit onderzoek laat overtuigend zien dat er een AI disclosure penalty is, en tegelijkertijd is het overduidelijk dat AI vanaf nu in ons leven blijft. Het is te makkelijk, te laagdrempelig, en te handig om het niet te gebruiken. En die voordelen nemen waarschijnlijk alleen maar toe.

Maar denken we hier over een tijdje nog zo over? Dit onderzoek is 2023-2024 uitgevoerd, toen AI nog in opkomst was. Nu is het behoorlijk ingeburgerd in ons dagelijks leven. Het is goed mogelijk dat we over een paar jaar reageren op AI als co-auteur zoals we dat eerder deden op het feit dat je moeder feedback had gegeven op je profielwerkstuk ("duh, dat is wat moeders doen").

Wat kan je hier concreet mee?

  • Gebruik AI vooral om te ordenen en te verhelderen wat je schrijft, niet om de inhoud te bepalen. Laat het helpen bij structuur en scherpte, maar zorg dat de inhoud herkenbaar van jou blijft.
  • Wees niet te snel met het gladstrijken van je tekst. Kleine oneffenheden, twijfel of een eigen formulering kunnen juist bijdragen aan geloofwaardigheid.
  • Besef dat lezers zoeken naar menselijkheid, niet naar perfectie. Ze willen voelen dat ze met een persoon te maken hebben, niet met een glad klinkend algoritme.
  • Vraag je bij belangrijke teksten af: wat wil ik zeggen? Die vraag is nu belangrijker dan ooit.
  • Het onderzoek laat vooral zien dat het onthullen dat AI gebruikt is een penalty oplevert. Maar stukken of schrijfsels waarbij AI invloed onzichtbaar is leveren wel waardering en plezier op bij de lezer (as always, gebruik deze info verantwoordelijk en naar eigen inzicht 😉)

Het interessante is niet dat mensen kritisch zijn op AI. Het interessante is hoe snel hun gevoel voor echt zich heeft aangepast. Onze sensoren werken nog steeds uitstekend. Alleen de context is veranderd.

Groetjes,

Florien | Founder the Behavioral Times

Verder lezen?


Over the Behavioral Times

📖 The Behavioral Times maakt gedragswetenschap praktisch en helder. Geen hype, wél bewijs. En altijd gratis beschikbaar voor lezers.

🧠 Wil je dat ik meedenk over jouw interventie of gedragsvraagstuk?

Bekijk wat ik doe en hoe je contact met me kunt opnemen op www.floriencramwinckel.nl . Je kunt natuurlijk ook reageren op deze email: ik lees elke reactie.

Vaker dit soort inzichten ontvangen?

➡️ Meld je aan voor de nieuwsbrief

📤 Of stuur dit artikel door naar iemand die probeert ander gedrag aan te leren

💛 Steun The Behavioral Times

Als je The Behavioral Times graag leest, kun je helpen om dit werk mogelijk te maken — met een eenmalige donatie of een vaste maandelijkse bijdrage (creditcard nodig). Je kunt zelf een bedrag kiezen, elk bedrag is welkom, en helpt om tijd te maken voor nieuwe verhalen ☕

The Behavioral Times

The Behavioral Times verkent de psychologie achter alledaags gedrag – van gewoontes en gezondheid tot geld, AI en sociale besluitvorming. Ik vertaal gedragswetenschappelijke inzichten naar heldere, praktische ideeën die je meteen kunt toepassen in je werk en dagelijks leven. In deze nieuwsbrief ontvang je regelmatig nieuwe inzichten, reflecties en concrete voorbeelden – toegankelijk, toepasbaar en altijd evidence-based. 👉 Would you like to read English articles? Visit The Behavioral Times (ENG):https://behavioraltimes.com

Read more from The Behavioral Times

Voor iemand opkomen helpt het slachtoffer, maar vermindert pesten niet Veel anti-pestprogramma’s zetten in op bystander intervention. Het idee: als klasgenoten voor iemand opkomen wanneer die gepest wordt, zal het pestgedrag afnemen. Een nieuw longitudinaal netwerkonderzoek onder 1.450 Finse leerlingen met een gemiddelde leeftijd van 12 jaar laat zien dat dat niet zo werkt.  Voor iemand opkomen leidde niet tot een afname van de frequentie van pesten over tijd. 🧠 Wil je je afmelden? Klik hier...

🧠 Wil je je afmelden? Klik hier om je meteen uit te schrijven . Eén klik, geen gedoe. 🌐 Prefer English? www.behavioraltimes.com Feit of fabel: “Geld maakt gelukkig — maar slechts tot zo’n 80.000 euro per jaar.” De kans is groot dat je dit verhaal kent. Het duikt al jaren op in populair-wetenschappelijke artikelen, talks en managementboeken. Veel mensen geloven het inmiddels ook echt. En eerlijk is eerlijk: het klinkt prachtig. Als je eenmaal ‘genoeg’ hebt, dan is het ook gewoon goed. Meer is...

De meeste mensen hebben geen overzicht in hun geld Onderzoek laat zien dat de meeste mensen geen continu financieel overzicht in hun hoofd hebben. De meeste mensen weten op een willekeurig moment niet precies: hoeveel geld ze maandelijks nodig hebben voor vaste lasten hoeveel er gespaard is hoeveel er in beleggingen zit welke schulden nog openstaan wat er deze maand exact binnenkomt en uitgaat Weet jij dat ook niet? dan is er niets mis met je, maar ben je net zoals de meesten van ons. Gewoon...